Gedichten van Carmen

Samen op de Kapellerlaan……

Ik weet het nog zo goed…
Ruik nog de geur en voel nog de gloed
En de warmte van mijn moeders warme hand.
Samen lopend richting  Kapel in ’t Zandt

Kijkend naar haar lieve ogen
Hand in hand samen op pad,
Door, de voor mij nog ‘O zo grote stad.
Stap voor stap op de Kapellerlaan…
Voor mijn kindervoetjes kwam er geen einde aan……

De golvende heg, waarover mijn arm heen en weer ging..
Het kapelke, waaraan een gevlochten bloemenkrans hing….
De tijd is gevlogen,
Toch lijkt het nog zo kort gelee…
Dat ik daar liep,  met mijn moeder mee…

De grote huizen, kastelen  in mijn kinderogen…
De hoge bomen die in de wind sierlijk heen en weer bewogen…
Wat een heerlijk gevoel, veilig te zijn….
Onschuldig, en nog maar zes jaar te zijn….

Nu jaren later loop ik naar mijn huis op deze mooie laan…
Mijn moeder zie ik wachtend aan de poort staan…
Ze kust me ,en  voel even haar warme hand….
Ons verbindend als een onzichtbare band.

Ook al vliegen de jaren en glijdt de tijd….
In gedachte blijf ik toch altijd haar kleine meid….
Blijven hopen, leven en dromen….
Want  het Voelt zo heerlijk, als een  droomwens is uitgekomen…….

Carmen Cremers 2012 (Geschreven voor mijn moeder Maria)

 

Vluchtig…

Vluchtig,ren ik vooruit
Vluchtig, ren ik door mijn leven
Maar als ik plots stil sta voor een grote etalageruit
Zie ik mijn eigen vluchtigheid knipogend aan mij voorbij zweven….

Carmen Cremers 2016  ( Geschreven, als tekst bij een schilderij uit het kunstboek van kunstenares Marleen Hansen)